
Columns 2026
Leve de moraal
In het bibliothedekkastje naast de kapel van de Liedse katholieke begraafplaats vond ik een onopvallend boekje getiteld Land van Domineeskinderen (2002). Ik pakte het uit het kastje omdat ik wilde weten waarom juist domineeskinderen opvallen zoals Annie M.G. Schmidt, Freek de Jonge, en ‘het prototype van iemand die heel graag wil deugen’ Geert Mak (dixit de Jonge). Hebben zij ‘een tik van de molen’ opgelopen in hun jeugd; of, voortplantingskundig gesproken, zit er misschien iets extra’s in het DNA van dominees? Dat moet haast wel als je de lange rij van bekende en getalenteerde domineeskinderen op je laat inwerken.
Hoe dan ook, dominees oefenen op mij aantrekkingskracht uit. Dat heb ik van mijn moeder; zij wilde zelf graag predikant worden. Dat ging niet door omdat ze in de crisis van de jaren dertig van school moest om het huishouden van haar ouders te doen. Desondanks heeft ze een reputatie opgebouwd als spreker, met name tijdens begrafenissen. Steevast memoreerde zij de ontroerende kwaliteiten van de gestorvene, wat door de nabestaanden zeer op prijs gesteld werd.
Trug naar Land van Domineeskinderen. Het was Freek de Jonge’s idee om kinderen van dominees bijeen te brengen. Zij zijn tenslotte bij uitstek kinderen van een cultuur die langzaam uitsterft. De Jonge meende dat zolang een samenleving nog gedekt wordt door een bepaalde filosofie, ze in evenwicht is. En als dat niet meer zo is, ontstaat chaos. In dit opzicht zou het beter zijn, merkte de Jonge nog op, als God wel zou bestaan, maar God was al in 1882 door Nietzsche dood verklaard. We leven nu in een verweesde samenleving. Religie bood troost en, mogelijk zelfs, verlossing. Kortom, dat houvast - wat de kerk vroeger bood - zijn we aan het kwijtraken, merkte de Jonge spijtig op.
Kan iets anders, een andere filosofie, dat houvast en het evenwicht in een samenleving misschien bieden? Zouden de morele aspecten van het liberalisme niet in die behoefte kunnen voorzien? Het liberalsme is immers veel meer dan een filosofie die goed is voor economische groei. Het benadrukt respect voor de mens die niet alleen de vrijheid heeft om zich te ontwikkelen, verlost van het keurslijf van religier,maar ook de vrijheid van de ander respecteert. Denk ook aan tolerantie. Ware liberalen erkennen dat ze de wijsheid niet in pacht hebben en staan open voor andermans opvattingen - pluralisme wordt omarmd. Het liberalisme verdedigt de rechtsstaat hartstochtelijk, en ook de onafhankelijkheid van de rechtspraak, universiteiten en vrije media.
Kortom, vrijheid, menselijke waardigheid, tolerantie en respect voor instituties vormen de morele basis van het liberalisme. Als deze mooie kenmerken weer meer erkend zouden worden, dan moet het toch goed komen met het evenwicht in de samenleving waar Freek de Jonge zich zorgen over maakte.
Peter de Haan juli 2026.